Template: layouts/images/single.html - Kind: page

courage

before courage
before courage
2017
finding courage
finding courage
2017

over dapper zijn

Daar zat ik dan. In het donker op een bankje aan de rand van het bos. Het was een zwoele najaarsavond en het was doodstil. Ik zag de trainer van het weekend naar het centrum teruglopen en ik voelde me alleen. Zielig ook. Een loser. In de verte hoorde ik het ritselen van de blaadjes en het kraken van takjes. De hele groep vrouwen was één voor één het bos ingetrokken. het was een opdracht uit dat weekend een soort quest. In stilte in je eentje in het pikkedonker het donkere bos in. En iedereen was weg nu. Alleen ik niet. Want ik kon dat natuurlijk niet. Stel dat ik zou struikelen, of in een kuil zou stappen. De schok of de klap die mijn lichaam dan zou krijgen zou ervoor zorgen dat ik minstens twee dagen niet zou kunnen lopen. En de pijn natuurlijk. Die vreselijke pijn. Dus ja.

Daar zat ik dan. Op dat bankje. Zielig te wezen. Met mijn hand veegde ik over het bankje en peuterde wat mos van het hout. Ik rook eraan. Ik snoof de geur van het vochtige mos op en vond het lekker. Jammer dat ik niet het bos in kon met de andere vrouwen. Ja. Zucht. Dit was de eerste keer dat ik een opdracht niet zou doen. Het eerste weekend dat ik had gevolgd had ik in het begn heel zwaar gevonden. Maar ze hadden me door, hahaha. telkens als ik begon te sputteren “ik weet niet of ik dit wel kan hoor met mijn bekken, met mijn rug, ik weet niet of dit nu wel zo’n goed idee is…” riepen ze: “ik hoor geen Nee, Marielle!” Dus dan deed ik het toch maar. Daarnaast, als ik gewoon maar ging doen wat de anderen deden, renden ze naar me toe en riepen uit waar ik dacht mee bezig te zijn. Dit was dus zo’n moment waarop ik nee moest zeggen. Deze oefening was zeker te zwaar voor mijn lichaam.

Zo leerde ik mezelf in één weekend al zoveel beter kennen. Ik verschool me met mijn lichamelijke beperkingen voor de dingen die ik eng vond en ik deed gewoon de fysiek veel te zware dingen mee waarvan ik dacht dat ik die ook maar moest kunnen. Stom. Dat had ik nu inmiddels wel afgeleerd. Toch? Hmm. Wat deed ik dan nu op dat bankje? Waarom was ik dan dat bos niet in? Mijn buik begon te rommelen. Ik vond dit eng. EN ja, natuurlijk zou het pijn doen als ik zou vallen en natuurlijk zou het aankomende dagen dan lastig zijn. Maar ja. Als ik hier zou blijven zitten op dit bankje was het wel veilig maar dan gebeurde er ook niets. Helemaal niets. Ook niets leuks dus.

En toen bedacht ik mijn eigen gouden regel. Op dat bankje. In het donker. Kijkend naar dat bos. Hoe kan het wél?

Kruipend. Dat was het eerste wat in me opkwam. Ik ging op handen en knieën zitten en kroop het bos in. Mijn handen woelden door de bladeren. Ik griezelde bij het voelen van wat zachts en nats, vast een naaktslak of een pier!!! en kroop door. Bij elk geluidje, elke kraak vertelde ik mezelf dat het vast één van die andere vrouwen was. Er liepen tenslotte zo’n dertig vrouwen hier rond en ook al waren ze al lang weg het kon best zijn dat er al één van die vrouwen weer op de terugweg was en dat ik haar hoorde. Al voelend over de grond, op zoek naar een pad kroop ik een eeuwigheid. Zo’n vijf minuten schatte ik achteraf. haha! Daarna stond ik voorzichtig op en schuifelde door het bos eerst nog van boom tot boom maar besloot daarna juist zo ver mogelijk van bomen vandaan te blijven om wortels te vermijden en zo vlak mogelijk te lopen. Mijn ogen waren al wat meer gewend aan het donker en ik was er nu bijna zeker van dat er geen wolven en beren in de Nederlandse bossen waren. Na weer zo’n vijf minuten werd ik zekerder en stapte kleine stapjes door het bos.

Ik grinnikte. Ik had schik. Ik, Marielle, liep in het pikkedonker in het bos. Vroeger bang voor beesten en godweetwat er allemaal voor engs in het donker in het bos zou kunnen zijn en nu mijn angst voor het leven zelf verslagen in dit donkere bos. Ik zou vanaf nu nooit meer op dat bankje blijven zitten. Vanaf nu zou ik alleen nog maar denken bij iets engs of iets moeilijks of iets wat een beetje te zwaar voor mijn lichaam zou kunnen zijn: Hoe kan het wel?

Ik had mijn dapperheid weer gevonden. In één van de vrouwen-weekenden daarna kwam mijn totemdier naar me toe in een visioen in de zweethut; de leeuwin. Zowel de dapperheid van de leeuw als al haar andere eigenschappen zorgden ervoor dat ik haar nog steeds als totem heb, vooral als ik werk met vrouwen. Daarom plaatste ik haar ook in deze verbeelding. Ze helpt me in mijn dapperheid te stappen. Of te kruipen in dit geval. :-)